27 jul 2026
"Hoeveel schermtijd mag mijn kind eigenlijk?" is misschien wel dé oudervraag van dit decennium. Het eerlijke antwoord bestaat uit twee delen: er zijn nuttige richtgetallen, én die getallen zijn niet het hele verhaal.
Deze getallen liggen in lijn met wat organisaties als de WHO en de Nederlandse jeugdgezondheidszorg adviseren. Maar wie alleen de klok bewaakt, mist waar het echt om gaat.
Schermtijd is vooral een probleem door wat het verdringt: slaap, buiten spelen, echte gesprekken, vervelen (ja, ook belangrijk). Een kind dat sport, vriendjes ziet, goed slaapt en daarnaast anderhalf uur schermt, zit beter in z'n vel dan een kind dat een uur schermt maar verder de hele dag hangt. Kijk dus niet alleen naar het scherm, maar naar de hele dag eromheen.
Het tweede dat de getallen missen: een half uur doelloos filmpjes scrollen en een half uur oefenen met rekenen, een werkstuk maken of een wereld bouwen zijn totaal verschillende activiteiten die toevallig allebei op een scherm gebeuren. Veel gezinnen hebben er baat bij om leer- en maak-schermtijd anders te tellen dan hang-schermtijd; dat maakt goede keuzes voor kinderen ineens aantrekkelijk ("oefenen telt niet mee!").
Gebruik de richtgetallen als startpunt voor een gesprek, niet als wet. Maak er sámen met je kind concrete afspraken van; afspraken waar je kind zelf ja tegen heeft gezegd, houden stand, opgelegde regels niet. Wij maakten daar een gratis hulpmiddel voor: het Schermpact, waarmee je in vijf minuten samen jullie eigen afspraken kiest en print.
En de allerbelangrijkste richtlijn staat in geen enkele tabel: blijf in de buurt van wat je kind op dat scherm doet. Kijk mee, speel mee, vraag ernaar. Een betrokken ouder is meer waard dan elke timer.
Klaar om er iets mee te doen? Maak in vijf minuten samen met je kind jullie eigen schermafspraken, printbaar en al.
Naar het Schermpact